Het delen van beelden met gebruik van de IIIF standaard
Gebruik van IIIF standaard in online toepassingen
Het delen van beelden met IIIF
Een internationale standaard die steeds vaker wordt gebruikt in de erfgoedsector is de International Image Interoperability Framework (IIIF). Een groot voordeel van deze standaard is dat je beelden en de bijbehorende metadata rechtstreeks vanuit de bron kunt delen, zonder dat er eerst een kopie hoeft te worden gemaakt. Dit delen vanuit de bron is een belangrijk uitgangspunt van de strategie van het Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) en bevordert de duurzame toegankelijkheid alsmede de betere vindbaarheid en hergebruik van digitale collecties. Het gebruik maken van IIIF is dan ook één van de vijf pijlers van NDE-compatibel werken.
Implementatie in Mais Flexis
Stadsarchief Rotterdam heeft in samenwerking met Het Utrechts Archief en Regionaal Archief Sittard-Geleen opdracht gegeven om de IIIF standaard te implementeren in Mais Flexis (het archief en collectiebeheersysteem). Bij de implementatie kregen we de hulp van de expertise van het NDE. Voor het implementatietraject hebben we een bijdrage ontvangen van het programma Versnellen van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).
In maart van dit jaar werd door de REE (ontwikkelaar van Mais Flexis) de functionaliteit opgeleverd en konden we aan de gang met enkele testcases om te zien of het goed werkte.
IIIF-Manifest
Centraal onderdeel van de standaard is het IIIF-manifest. Dit bevat de specifieke URL die leidt naar het archiefstuk waarmee het met gebruik van de IIIF standaard getoond en bekeken kan worden in bijvoorbeeld de IIIF-viewer. In het IIIF-manifest staat informatie over hoe een scan kan worden opgehaald, de structuur en de volgorde van de scans en de bijbehorende metadata (denk aan de beschrijving, datering, auteur en licentie) zodat het op de juiste wijze beschikbaar kan worden gesteld. Deze informatie is beschreven in een JSON-bestand en kan worden opgehaald via een URL. De inrichting is zo gemaakt dat elke archieforganisatie zelf kan bepalen welke beschrijvingen in aanmerking komt om te worden voorzien van een IIIF-manifest. Of dat nou op collectie- of stuksniveau is, of verbonden is aan bijvoorbeeld een “vrij downloaden” of open licentie.
Beelden tonen in een IIIF-viewer
Zodra de functionaliteit van IIIF is ingericht, is het voor onderzoekers en andere geïnteresseerde eenvoudig om er mee aan de slag te gaan. Je kopieert de URL van het manifest en plakt deze in een viewer die IIIF ondersteunt.
Beelden laden snel, zelfs in hoge resolutie. Je kunt inzoomen, beelden uit verschillende erfgoedcollecties naast elkaar zetten en vergelijken, terwijl de beeldkwaliteit behouden blijft. Je kunt ook beelden bewerken, bijsnijden en van aantekeningen voorzien.
Een groot pluspunt voor hergebruikers van beelden is dat men op een gestandaardiseerde manier toegang krijgt tot materiaal van verschillende instellingen en dat dit gezamenlijk op een uniforme manier te presenteren is. Een virtuele collectie samenstellen met beeldmateriaal uit verschillende omgevingen wordt hierdoor een stuk eenvoudiger.
Bekijk hieronder de stadscharter van Rotterdam in de IIIF-viewer. De stadscharter is het document waarin Rotterdam stadsrechten verkreeg van Graaf Willem IV in 1340.
Testcase: georefereren met Allmaps
De testcase waarmee Stadsarchief Rotterdam aan de slag is gegaan is de open source kaartentool Allmaps. Deze online tool kan door iedereen worden gebruikt om kaarten te bekijken, te delen en te georefereren en is helemaal gebouwd via de principes van IIIF.
Het georefereren gaat als volgt. Je plakt de URL van het IIIF manifest in het programma, waarna de afbeelding van de kaart wordt geladen. Vervolgens bepaal je welk gedeelte van de afbeelding je wilt gebruiken en maskeer je dit gebied. Tot slot zoek je op een wereldkaart die al voorzien is van georeferentie het gebied van de oude kaart en geeft je voor een aantal controlepunten op de oude kaart aan waar deze liggen op de moderne kaart. Het resultaat bekijk je in de Allmaps viewer.
Gebruiksvriendelijk en toekomstgericht
Door het gebruik van IIIF hoef je dus geen GIS-programma’s te installeren of uitgebreide technische kennis te hebben om de kaarten uit een collectie te georefereren. Wat tijdens het uitvoeren van de testcase vooral opviel was het gebruikersgemak. Op dit moment is de implementatie van IIIF nog vooral gericht op het delen van beelden van archiefinstelling naar gebruiker. De door een gebruiker verrijkte informatie kan echter ook weer toegevoegd worden aan het manifest en op deze manier terug geleverd aan de instelling. Voor de doorontwikkeling van deze functionaliteit is dit zeker een idee om in de gaten te houden.