Gezinskaarten

Gezinskaarten waren tussen 1880 en 1941 een onderdeel van de bevolkingsregistratie. Van alle inwoners van de stad werden de gegevens bijgehouden, zoals naam, geboortedatum, burgerlijke staat, adres, beroep en kerkgenootschap. Op een gezinskaart staan de gegevens van alle samenwonende gezinsleden die op hetzelfde adres wonen. Het gezinshoofd staat als eerste genoemd.

Indeling van de gezinskaarten
De meeste gezinskaarten bestaan uit een voor- en achterzijde. De handgeschreven kaarten hebben verticale kolommen. Op iedere regel staan de gegevens van één persoon. Iedere persoon heeft een eigen volgnummer, en de regels van de voorkant van de kaart lopen op de achterkant door. De volgnummers op de achterkant corresponderen dus met die op de voorkant. Dit patroon wordt alleen doorbroken door de brede kolom Adres, die voor alle gezinsleden tegelijk geldt. Bij een verhuizing van het gezin binnen Rotterdam werd het adres aangepast.

Afschrijvingen en doorhalingen
Wanneer een persoon wegens verhuizing of overlijden van een gezinskaart moest worden afgeschreven, werd deze gebeurtenis genoteerd. Er werd ook een streep gezet door de betreffende naam. Als het complete gezin uit Rotterdam vertrok werd een diagonale streep door alle namen tegelijk gezet. Dit gebeurde ook wanneer alle personen op een kaart afzonderlijk waren uitgeschreven. Soms staat een persoon meerdere keren op dezelfde gezinskaart vermeld. Deze persoon heeft dan een tijd op een ander adres gewoond en is later weer teruggekeerd. Deze werd opnieuw ingeschreven met een nieuw volgnummer.

Persoonskaarten
Tussen 1938 en 1941 zijn alle gezinskaarten omgezet in persoonskaarten. Voor iedereen die op dat moment nog in leven was en in Rotterdam stond ingeschreven werd een persoonskaart aangelegd. Op de voorkant van de gezinskaart werd dan een stempel gezet: “VOOR No. * P.K. AANGELEGD”, waarbij op het * de volgnummers werden geschreven van de personen voor wie persoonskaarten waren gemaakt. De namen van deze personen werden niet doorgehaald, omdat ze in Rotterdam bleven wonen. De persoonskaarten zijn niet bij het Stadsarchief beschikbaar. Als de betreffende persoon meer dan twee jaar is overleden, kan bij het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag een uittreksel van de persoonskaart worden opgevraagd.

Verwijzingen naar andere delen van het bevolkingsregister
Veel mensen hebben in verschillende delen van het bevolkingsregister ingeschreven gestaan. Als iemand eerst op een andere kaart heeft gestaan, of later naar een andere kaart is overgeschreven, staat op de gezinskaart altijd een verwijzing naar die andere kaart. Deze verwijzing vindt u in de kolom “vorige woonplaats”, resp. “waarheen vertrokken”, met de afkorting GK en de naam. Als er geen naam achter staat, heeft deze persoon een eigen gezinskaart gekregen. Zie ook de tabel met gebruikte afkortingen in gezinskaarten hieronder.

Soms staat er alleen een nummer genoteerd bij “vorige woonplaats”, dat verwijst dan naar een deel en bladzijde in het oudere gedeelte van het bevolkingsregister. Een index op dit oudere gedeelte (dat begint in 1850) is aanwezig in de studiezaal van het Stadsarchief.

Van 1880 tot 1910 waren nog ingebonden delen van het oude bevolkingsregister in gebruik, tegelijkertijd met de oudste gezinskaarten. Personen of gezinnen kunnen in beide bestanden voorkomen. Mensen kunnen bijvoorbeeld eerst als inwonend kind op de gezinskaart van hun ouders staan, daarna als alleenstaande in de delen geregistreerd staan, en vervolgens een eigen gezinskaart krijgen. De ingebonden delen van het bevolkingsregister zijn voor een gedeelte doorzoekbaar via Zoeken op Personen. Deze kunnen op microfiche worden ingezien in de studiezaal van het Stadsarchief.

Getypte gezinskaarten
De ingebonden delen van het bevolkingsregister uit de periode 1910-1929 zijn later overgetypt op gezinskaarten. Deze getypte kaarten zijn niet in duidelijke kolommen verdeeld en daardoor minder overzichtelijk dan de handgeschreven kaarten. Op de getypte kaarten staan de gegevens per persoon wel in een vaste volgorde genoteerd:

  • volgnummer
  • achternaam
  • voornamen
  • geslacht
  • relatie tot het gezinshoofd (onderstreept)
  • geboortedatum
  • geboorteplaats
  • burgerlijke staat
  • kerkgenootschap
  • beroep
  • datum inschrijving
  • vorige woonplaats
  • datum uitschrijving
  • plaats van bestemming

Gezinskaarten per gemeente

In Rotterdam zijn de gezinskaarten in gebruik geweest tussen 1880 en 1941. Inwonende familieleden werden bijgeschreven op de gezinskaart, inwonende personeelsleden kregen een eigen kaart. Vanaf 1910 kregen alle alleenstaanden een eigen kaart, behalve als ze bij hun ouders inwoonden. In de periode 1910-1938 staan alle inwoners van de toenmalige stad Rotterdam in de gezinskaarten ingeschreven. Sommige gezinnen komen echter al vanaf 1880 in het bestand voor. Tussen 1938 en 1941 heeft de gemeente gefaseerd de gegevens van nog levende personen overgebracht op persoonskaarten.

In de gemeente Hillegersberg is men in 1911 begonnen met het aanmaken van gezinskaarten. Voor niet-verwante inwonenden zijn afzonderlijke kaarten aangemaakt, kleiner van formaat dan de gezinskaarten, de zogenaamde alleengaande registerkaarten (AR-Kaarten). De gezinskaarten zijn in Hillegersberg bijgehouden tot het jaar 1939. De gezins- en de AR-kaarten van Hillegersberg zijn per 1 augustus 1941 naar Rotterdam overgebracht en daar tot één verzameling samengevoegd en doorlopend genummerd. Na 1939 zijn in Hillegersberg persoonskaarten in gebruik genomen; deze zijn niet openbaar.

In 1926 is men in de gemeente Overschie begonnen met het gebruik van de gezinskaarten. Niet-verwante inwonenden werden beschreven op een eigen gezinskaart. Het kaartregister is bijgehouden tot het jaar 1939. De gezinskaarten zijn in augustus 1941 overgebracht naar Rotterdam en daar genummerd. Na 1939 zijn in Overschie persoonskaarten in gebruik genomen; deze zijn niet openbaar.

In 1930 werd in Schiebroek de bevolkingsregistratie overgebracht op gezinskaarten. Niet-verwante inwonenden werden beschreven op de kaart van het gezin, waarbij zij inwonend waren. De gezinskaarten van Schiebroek zijn gebruikt tot en met 1936 en in 1941 zijn deze kaarten overgebracht naar Rotterdam en daar doorlopend genummerd. In 1937 is in Schiebroek begonnen met de persoonskaarten, deze zijn niet openbaar. Het gaat bij Schiebroek maar om 6 jaar gezinskaarten, een korte periode dus.

In 1920 is men in de gemeente IJsselmonde begonnen met het gebruik van de gezinskaarten. Niet-verwante inwonenden werden beschreven op een eigen kaart. Het kaartregister is bijgehouden tot het jaar 1938. Daarna zijn alle gegevens van nog levende personen, hun echtgenoten en kinderen, overgeschreven op persoonskaarten. Deze zijn niet openbaar. Helaas zijn toen de gezinskaarten van deze personen vernietigd. Dit betekent dat slechts een klein deel van de gezinskaarten van IJsselmonde is bewaard. Het gaat dan om gezinnen en alleenstaanden die in de periode 1920-1938 zijn vertrokken of overleden.

Gebruikte afkortingen in gezinskaarten

Deelbron: Archief Gemeentesecretarie afdeling Bevolking, toegangsnr. 494-01, inv.nr. 1: “Meededelingen inzake regelingen en voorschriften aan de medewerkers van de secretarieafdeling”, 1926-1949

* = voor deze afkortingen hebben wij op dit moment nog geen sluitende verklaring

afst.

*

Ambtsh.

Ambtshalve

Ann.

Annexatie

A.R.

Alleenstaandenregister

AR

Afzonderlijke registerkaart (B-register)

Arr.Rb.

Arrondissementsrechtbank

art. 12

*

Bel. (toeg.)

Administratieve aantekening van de Belastingdienst over het informeren naar het vertrek van deze persoon

Brw.

*

B.S.

Burgerlijke Stand

Cont.

Bij controle gebleven

D

Dienstplichtig

Db.

Dienstbode

Distr.

Distributie

Dpl.

Dienstplicht (vak 23)

D.S.K.

Distributie Stamkaart

Fam.P.

Familiepaspoort

G I

T.b.v. een huwelijk van een persoon: gedeeltelijk van joodsch bloed

G II

Idem

Gev. B.S.

Geverifieerd in Burgerlijke Stand

gez.vd.

Gezinsvoogd (vak 24)

G.K.

Gezinskaart

G.G.D.

Signalering vanwege opgave van overlijden in logementen en pensions in verband met eventuele besmettelijke ziekten

G.R.

Gestichtsregister

H.

Hoofd (in kolom beroep/bedrijf)

H.

Huwelijk (als er bij ‘huwelijk’ geen plaats vermeld staat, is de huwelijksplaats Rotterdam)

Huisarb.

Huisarbeid

H.v.

Huisvrouw van

Inr.(nr.)

Inrichting (gevolgd door een nummer)

Inw.

Inwonend (achter het huisnr.)

I.W.

Invaliditeitswet (met dossiernummers voor Sociale Zaken)

J.

T.b.v. een huwelijk van een persoon geheel van joods bloed

K.

*

KIND. R.

Door de kinderrechter onder toezicht gestelde kinderen

L.

*

L.H.

*

L.S.

Landstorm (uit vrijwilligers bestaande formatie van de Landmacht)

M.H.

Maatschappelijk Hulpbetoon (voorloper van Sociale Zaken)

Ned. (+ datum)

Vermoedelijk afgifte Bewijs van Nederlanderschap (Meededeling Nr. 47)

N.(n.)e.

Natuurlijk (niet) erkend kind (in kolom verwantschap)

O.

Ondergeschikte (in kolom beroep/bedrijf)

Ontz. O.M.

Ontzet uit de Ouderlijke Macht

O.R.

Ouderdomsrente (+ nummer en kantoor van toekenning)

P.

Pensioen

P. (+ datering)

Datum aanvraag paspoort (bijv. P 10/9 ’26)

P.v.t.

Paspoort verlengd tot (met datum)

P.K.

Persoonskaart

P.P.

Pensioen van het ABP

Reg.

Register

S.

Echtscheiding

S.B.

Slachtoffer bombardement

Schij

zie Sij

S.hv.

Gescheiden huisvrouw van

Sij.

Schipperij, een op een schip gehuisvest gezin of persoon, schippersregister (tot en met feb. 1928, zie Meededeling nr. 21 in 494-01 inv.nr. 1)

S.K.

Suppletiekaart (ook een soort gezinskaart)

T.vgd.

Toeziend voogd

V. (+ datering)

Datum verlenging paspoort (bijv. V 10/9 ’26)

Vbl.Rg.

Verblijfsregister

V.D.

Vreemdelingendienst

Vd.

Voogdij

v.i.

Vorige inschrijving

v.o.

Vertrokken onbekend waarheen

v.o.c.

vertrokken, onbekend waarheen (gebleken bij controle)

V.T.

Volkstelling

Z.b.

Zonder beroep

Z.R.

Uitkering vereeniging Zee-Risico ingevolge de Oorlogszeeongevallenwet