Op 12 september 1991 stemt de Rotterdamse gemeenteraad in met het bestemmingsplan ‘Kop van Zuid’. Het plan zet in op een omvangrijke en hoogwaardige stedelijke ontwikkeling van het oude (en grotendeels verlaten) haventerrein op de Linker Maasoever rond de Binnenhaven, Spoorweghaven, de Entrepothaven en de Wilhelminapier. Een nieuwe stadsbrug wordt een cruciaal onderdeel van het ambitieuze project. Deze blikvanger moet het imago van Rotterdam opkrikken en het symbool worden van een ongedeelde stad. Bovendien zal de brug ervoor zorgen dat de Kop van Zuid integraal onderdeel gaat uitmaken van het Rotterdamse stadscentrum. Op de kosten van deze nieuwe brug zal daarom niet beknibbeld worden. Op 4 september 1996 vindt de feestelijke opening van de Erasmusbrug plaats en daarmee zijn de Coolsingel en de pas aangelegde Laan op Zuid voortaan met elkaar verbonden. Met deze planontwikkeling voor de Kop van Zuid en de bijbehorende nieuwe infrastructuur realiseert de stad een tweede ‘Sprong naar Zuid’. De eerste sprong vond ongeveer 120 jaar daarvoor plaats toen het stadsbestuur besloot grote gebieden aan de overkant van de Maas te annexeren om zo aan de eisen van de nieuwe haveneconomie te kunnen voldoen.

Ontwerpen voor de ‘Coolsingelbrug’

De keuze voor een nieuwe stadsbrug over de Nieuwe Maas houdt de gemoederen in Rotterdam vanaf halverwege de jaren tachtig flink bezig. De wens voor een nieuwe oeververbinding hangt nauw samen met de geplande uitbreidingsplannen van het stadscentrum op de Kop van Zuid, het voormalige havengebied op de Linker Maasoever. De eerste plannen en ontwerpen voor een nieuwe stadsbrug zijn afkomstig van de dienst Gemeentewerken. Over de keuze voor de vormgeving wordt langdurig gediscussieerd. De meningen lopen uiteen van een zeer eenvoudige brug die de toekomstige skyline van de stad tot haar recht laat komen tot een op zichzelf staand architectonisch bouwwerk. De Rotterdamse architect Maarten Struijs van Gemeentewerken is van mening dat de omgeving van de Kop van Zuid en de Nieuwe Maas van zichzelf al spectaculair genoeg is. (Tekst gaat verder onder de afbeelding.)

Er volgen diverse ontwerpen waaronder een ‘vierstokkenbrug’ met twee hoge en twee lage pylonen van Maarten Struijs. Rob Lubbers van het constructiebedrijf Hollandia Kloos dient divers plannen in, waaronder één onder de naam ‘Maaseiland-brug’. Het idee is om onder de nieuwe Coolsingelbrug en naast het Noordereiland een nieuw eiland in de Nieuwe Maas aan te leggen. Op het riviereiland vlak voor de Kop van Zuid zouden onder meer een congrescentrum en een groot hotel moeten komen. Het plan is niet financieel onderbouwd en de kosten worden al snel te hoog geraamd. Bovendien wil men het scheepvaartverkeer en de stroming van de Nieuwe Maas zo min mogelijk hinderen.

Wel in goede aarde valt het plan van de jonge Amsterdamse architect Ben van Berkel. Het ontwerp omvat een tuibrug met een enkele scheve, geknikte pyloon, gemaakt van gewapend beton. Na diverse berekeningen wordt besloten het beton te vervangen door staal en de pyloon ook te voorzien van achtertuien. De discussie in de gemeenteraad spitst zich nu toe op een keuze tussen het ingetogen ontwerp met de vier pylonen van Maarten Struijs en de éénpyloonsbrug van Van Berkel die naar verwachting 40 miljoen gulden duurder zal zijn. (Tekst gaat verder onder de afbeeldingen.)

‘Geen gezeur, we nemen een mooiere en duurdere brug’
Directeur Stedenbouw en Volkshuisvesting Riek Bakker maakt er geen geheim van dat haar voorkeur uitgaat naar de brug van Van Berkel. Ze pleit voor een tot de verbeelding sprekende brug omdat deze oeververbinding een symbool moet worden die de negatieve beeldvorming over Rotterdam, en in het bijzonder Rotterdam-Zuid, gaat weerleggen. De stad heeft weer iets nodig om trots op te zijn. Deze éénpyloner kan wel eens het nieuwe handelsmerk van de stad worden. Functionele en budgettaire problemen worden ondergeschikt gemaakt aan esthetische overwegingen. “Wij zetten daarbij het beste in wat we hebben en dat zal voor zich gaan spreken. Dus geen gezeur, we nemen een mooiere en duurdere brug”, aldus Riek Bakker.

Veel gemeenteraadsleden delen haar mening en blijken al zodanig gecharmeerd te zijn van ‘De Zwaan’ dat de miljoenen extra geen beletsel meer vormen. Volgens Groenlinks raadslid Herman Meijer past het ontwerp van Van Berkel in de traditie van fraaie civiel-technische werken die in Rotterdam gebouwd zijn. Volgens verantwoordelijk wethouder Joop Linthorst drukt de brug uit wat beoogd wordt met de Kop van Zuid: ingaan tegen het middle-of-the-road-denken. Een handjevol tegenstanders onder de raadsleden voert tijdens de raadsvergadering van 14 november 1991 een verloren strijd. Na B&W kiest de Rotterdamse raad voor de duurste brug, het ontwerp van de Amsterdamse architect Ben van Berkel. Gehoopt wordt dat brug een aantrekkingskracht uitoefent op geïnteresseerde beleggers. De kosten bedragen 365 miljoen gulden waarvan 194 miljoen door het Rijk betaald wordt. Half februari 1992 krijgt de brug een officiële naam: Erasmusbrug. (Tekst gaat verder onder de afbeeldingen.)

De Bouw
Met een show van laserstralen, vuurwerk en muziek geeft verkeersminister Maij op 1 september 1993 het startsein voor de bouw van de Erasmusbrug naar de Kop van Zuid. De laserstralen tonen daarbij het silhouet van de Erasmusbrug tegen een donkere hemel. De feestelijkheden worden enigszins overschaduwd door de bekendmaking dat de bewoners van het Noordereiland een kort geding tegen de gemeente zullen aanspannen. Zij eisen bij de rechtbank een verbod op de bouwactiviteiten op hun eiland. De stichting ‘Noordereiland geen Werkeiland’ vindt de overlast die de bouw met zich meebrengt onacceptabel. De rechter bepaalt daarop dat de bouw door moet gaan maar dat de gemeente maatregelen moet nemen als de overlast voor de buurt te groot wordt.

De 139 meter-hoge stalen pyloon wordt samen met de achterligger door het bedrijf Grootint samengesteld op een bouwterrein in Vlissingen. Na de bouw gaat de pyloon van de tuibrug op transport via de Noordzee naar het Calandkanaal bij Rozenburg. Het nieuwe beeldmerk van Rotterdam vaart op 13 april 1995 onder grote belangstelling en begeleid door vele schepen naar zijn nieuwe plaats van bestemming. Daar wordt het na een sein van burgemeester Peper neergelaten op twee brugpijlers. In de periode daarna volgt het aanbrengen van de 22 brugsecties die ieder 15 meter lang zijn. Op 26 januari 1996 wordt de klep van de basculebrug geplaatst. Drie drijvende bokken zijn nodig om de 1600 ton wegende klep boven de basculekelder te plaatsen. (Tekst gaat verder onder de afbeeldingen.)

Valse start
De officiële opening van de Erasmusbrug wordt verricht door Koningin Beatrix. Zij wandelt op woensdag 4 september 1996 als eerste over de brug naar de zuidelijke oever. Driehonderd schoolkinderen rollen aan beide zijden een lang lint uit. De linten komen haverwege samen en symboliseren de twee Maasoevers die bij elkaar komen. Voorafgaand aan Beatrix’ wandeling zijn er optredens op de brug, o.a. van het Scapinoballet en Wibi Soerjadi. De hele ceremonie wordt live uitgezonden bij de NOS. Het weekend daarop, tijdens de Wereldhavendagen, vinden feestelijkheden voor de Rotterdamse bevolking plaats op de brug. Er wordt een brunch voor 5000 Rotterdammers uit alle lagen van de bevolking gegeven en er vindt een groot dansfeest plaats op zaterdagavond.

Twee maanden later is er van de euforie en trots tijdelijk weinig over. De tuien van de brug blijken bij regenachtig en winderig weer zo gevaarlijk op en neer te zwiepen dat ook het brugdek en de pyloon in beweging komen. De brug wordt uit voorzorg gesloten. Na onderzoek blijkt dat regendruppels de kabels gevoeliger maken voor trillingen van de wind. Het probleem wordt uiteindelijk opgelost door het plaatsen van grotere schokdempers onderaan de tuien.

Na de opening in 1996 neemt de Erasmusbrug het stokje over van de Euromast als belangrijkste beeldmerk van Rotterdam. 

Meer weten?

Bibliotheek

  •  Dienst Stadsontwikkeling (1991) Bestemmingsplan De Kop van Zuid.
    Signatuur: I A 34
     
  • Webbers, Hans (1996) De Brug : geschiedenis en bouw. Maritiem Museum 'Prins Hendrik'. NAi Uitgevers
    Signatuur:  XXVII E 68
  • Ulzen, P. van (2007) Dromen van een metropool : de creatieve klasse van Rotterdam 1970-2000. Uitgeverij 010
    Signatuur: IX H 22
    Ook verschenen als proefschrift, Erasmus School of History, Culture and Communication (ESHCC)
     
  • Laar, P van de (2007). Op weg naar een moderne infrastructuur, 1815-1880. In Stad van formaat : de geschiedenis van Rotterdam in de negentiende en twintigste eeuw (2e druk, pp. 47–88). Waanders
    Signatuur: S11 B 52
  • Laar, P van de (2007). De Havens van Rotterdam Transitopolis, 1880-1914. In Stad van formaat : de geschiedenis van Rotterdam in de negentiende en twintigste eeuw (2e druk, pp. 91-117). Waanders
    Signatuur: S11 B 52

 

  • Albeda, W. (1987) Nieuw Rotterdam : een opdracht voor alle Rotterdammers  : rapport van de adviescommissie sociaal-economische vernieuwing Rotterdam.
    Signatuur: XII B 77
     
  • Straasheijm, W. (1987) Vernieuwing van Rotterdam. Gemeentebestuur van Rotterdam.
    Signatuur XII B 78
     
  • Bouw, J. van den, Pasveer, E. (1994). Kop van Zuid. 010 publishers.
    Signatuur XVII B 53
     
  • Projectbureau Kop van Zuid (1999). Kop van Zuid 2. 010 publishers.
    Signatuur XVII B 54
     
  • Sulsters, Willem (1993). Een interview met Riek Bakker over de Kop van Zuid Rotterdam. Over havenfronten, OASE, (35), 22–31.

 

Beeldbank