Op 10 mei 1940, net voor zonsopkomst valt het Duitse leger Nederland binnen. Vliegveld Waalhaven wordt gebombardeerd en parachutisten worden in de omgeving gedropt. Watervliegtuigjes landen op de Maas en de Duitsers veroveren het Noordereiland. De strijd om de Maasbruggen is begonnen. Deze bruggen zijn cruciaal voor de Duitsers. Als zij deze bruggen (en de bruggen bij Moerdijk en Dordrecht) in handen hebben, kunnen ze ‘Vesting Holland’ binnenvallen. Bij de Maasbruggen stuiten de Duitsers op tegenstand van de Nederlanders en de Britten, het Maasfront. Luchtaanvallen missen de Maasbruggen, bommen vallen in de Maas en op het eiland zelf. Het Noordereiland raakt zwaar beschadigd door ‘friendly fire’.

De waarschuwing

De Rotterdamse bevelhebber P.W. Scharroo en burgemeester P.J. Oud ontvangen op 14 mei 1940 een brief van de commandant van de Duitse troepen R.K.F Schmidt. In deze brief staat dat Rotterdam zijn verzet moet staken, anders zal de stad vernietigd worden. Na overleg met de bevelhebber van de Nederlandse Strijdkrachten H.G. Winkelman stuurt Scharroo een antwoord. Hierin schrijft hij dat hij overgave pas gaat overwegen als het ultimatum voorzien is van de naam, militaire rang en handtekening van de Duitse commandant. Daarnaast wil Scharroo weten wat de voorwaarden van overgave zijn. De Duitse commandant doet nog pogingen om een bombardement uit te stellen om te kunnen onderhandelen. Helaas wordt hier van hogerhand geen gehoor aan gegeven. De lichtkogels die worden afgevuurd in een poging het bombardement te voorkomen, worden maar door een deel van de piloten opgepikt.

Het bombardement

Het verzet van het Nederlandse en Britse leger bij de Maasbruggen is een tegenvaller voor de bezetter. De inname van ‘Vesting Holland’ is mislukt. Daarom bombarderen Duitse Heinkels op 14 mei 1940 om 13.27 uur de binnenstad van Rotterdam. Binnen een kwartier zijn grote delen van de binnenstad verwoest. Bommen vallen op het Centrum, Kralingen, Crooswijk, het Oude Noorden en de Agniesebuurt. Het bombardement is voor de Opperbevelhebber van de Land- en Zeemacht, generaal Winkelman, reden de strijd onmiddellijk te staken. Een dag na het bombardement, op 15 mei 1940, tekent tekent generaal Winkelman in een schoolgebouw in Rijsoord de capitulatie van Nederland.

De stad brandt nog dagenlang. Zeker 800 mensen komen om en 80.000 Rotterdammers worden dakloos. De bommen en de branden daarna verwoesten 25.000 woningen en 11.000 andere panden. Een oppervlakte van 258 hectare stad ligt in puin. Er wordt een begin gemaakt met puin ruimen en het in kaart brengen van de schade. Deze inventarisatie wordt op een kaart als ‘verwoest gebied’ vastgelegd. Hierop staan de huisnummers van de panden die nog overeind staan. Het verwoest gebied wordt in de volksmond ‘De Puin’ genoemd. De brokstukken uit ‘De Puin’ vind je terug in heel Nederland. Van dijken in Urk tot landweggetjes in Brabant.

Vervolging en dwangarbeid

Kort nadat de Duitsers Nederland bezetten, kondigden ze maatregelen af tegen de joodse inwoners. Ze mogen niet meer werken als ambtenaar. Hebben ze een winkel, dan wordt die gesloten. En in parken, café’s, bioscopen, musea en zwembaden verschijnen bordjes met de tekst ‘Voor joden verboden’. Bovendien gaan de bezetters arbeidskrachten werven voor de Duitse oorlogseconomie, aanvankelijk gebeurd dat op vrijwillige basis maar naarmate de tijd vordert steeds meer onder dwang.

Collaboratie en verzet

Het optreden van de Duitse bezetter in Nederland kan rekenen op weerstand, maar ook op steun. De steun komt meestal van leden van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB). Het verzet kan allerlei vormen aannemen, van hulp aan onderzoekers en het verspreiden van illegaal drukwerk tot het plegen van aanslagen.

Het vergeten bombardement

Op woensdag 31 maart 1943 om 13.25 uur wordt behalve het doel, de werf van Wilton Feyenoord in Schiedam, veel schade aangericht in de wijk Bospolder-Tussendijken. Niet door de Duitsers maar door Amerikaanse bommenwerpers. Een vergissing. Het bombardement is, na het bombardement van 14 mei, het hevigste bombardement op de stad. Ongeveer 10 hectare bebouwd gebied wordt geraakt, en ruim 400 mensen worden gedood. Er vallen 400 gewonden en meer dan 10.000 mensen raken dakloos. 

De Hongerwinter

Op last van de Nederlandse regering in Londen vindt in september 1944 de grote spoorwegstaking plaats. De bevrijding is aanstaande en de geallieerden voeren een grote luchtlandingsoperatie uit bij Arnhem. Het zuiden van Nederland, beneden de grote rivieren, wordt inderdaad bevrijd. De Duitse bezettingsmacht blokkeert daarop alle voedseltransporten naar het westen van Nederland. De blokkade duurt zes weken en veroorzaakte in West-Nederland een hongerramp van catastrofale omvang.

Bevrijding

De capitulatie van Duitsland vindt uiteindelijk plaats op de avond van 4 mei 1945. Omdat de Duitsers in Rotterdam zich nog steeds niet officieel hebben overgegeven, heerst er in de dagen na 4 mei in de stad naast euforie ook chaos en verwarring. De geallieerden zijn van plan om op 7 mei naar het westen op te rukken, maar moeten dat plan een dag uitstellen. Wel brengt prins Bernhard die dag per jeep een bliksembezoek aan enkele steden, waaronder Rotterdam. Op 8 mei doet de bevrijder eindelijk zijn intocht in Rotterdam.

Oorlog in Nederlands Indië

Op 8 maart 1942 verovert Japan Nederlands-Indië. De Japanners sluiten de Nederlanders en de Indonesiërs op in jappenkampen. Onder hen ook veel Rotterdammers. Ruim 42.00 militairen worden krijgsgevangenen. De gevangenen worden slecht behandeld. Begin augustus 1945 gooit de Amerikaanse luchtmacht een atoombom op de Japanse steden Hiroshima en Nagasaki. Kort daarna, op 15 augustus, geeft Japan zich over. Ook in Azië is de Tweede Wereldoorlog dan officieel over. In de jaren 1945 tot en met 1967 vertrekken meer dan 400.000 mensen vanuit Nederlands-Indië naar Nederland. Veel van hen maken de reis met een Rotterdams schip en zetten hier voor het eerst voet op Nederlandse bodem.